Geschreven door
Psycholoog Gerard Furnée MSc
De angststoornis is een van de meest voorkomende psychische aandoeningen in Nederland. Volgens het Trimbos instituut heeft 15,2% van de Nederlandse bevolking in de afgelopen 12 maanden een angststoornis gehad.
Een angststoornis is een verzamelnaam voor meerdere verschillende soorten angst gerelateerde stoornissen. Je kan daarbij denken aan een gegeneraliseerde angststoornis, een specifieke fobie of paniekstoornis. Angsten komen vaak in verschillende soorten en maten. Toch hebben ze een ding gemeen: ze hebben een enorme impact op je leven. Op deze pagina geven we je uitgebreide informatie over angst, verschillende angststoornissen en wat je ertegen kunt doen.
Het angstspectrum: van lichte spanning tot paniek
Als we het over angst hebben, dan vallen al snel zware termen als ‘angststoornis’ of ‘paniekstoornis’. Maar er zijn veel verschillende gevoelens die gerelateerd zijn aan angst die ook in verschillende intensiteiten voorkomen. Om deze reden gebruiken wij in de praktijk van Feel It 2 het ‘angstspectrum’ als hulpmiddel. Binnen dit angstspectrum onderscheiden we verschillende stadia die allen een eigen gevoel hebben die in verschillende intensiteiten voorkomen. Binnen onze praktijk onderscheiden we de volgende gevoelens:
1. Spanning (intensiteit 1-2)
Spieren staan hierbij vaak continu gespannen en gaat gepaard met een gevoel van alertheid.
2. Zenuwachtig gevoel (intensiteit 3-4)
Een gevoel van kriebels in je buik. Het is een gevoel wat ervaren wordt voor examens of het doen van een spreekbeurt.
3. Onrust (Intensiteit 5-6)
Een gevoel dat door heel je lichaam voelbaar is. Stilzitten is moeilijk en je wil continu bewegen.
4. Angst (intensiteit 7-8)
Een gevoel dat alles overheersend met hartkloppingen en een verhoogde ademhaling.
5. Paniek (intensiteit 9-10)
Een zeer intens gevoel dat van grote invloed is op het functioneren. Dit gaat gepaard met zweten, hartkloppingen en hyperventileren. Vaak is het gevoel dusdanig intenst dat je het idee hebt dat je doodgaat.
Waarom is dit onderscheid belangrijk?
De meeste diagnoses richten zich op de piekmomenten, zoals een paniekaanval of sociale angst in een drukke groep. Maar wat wij in onze praktijk zien, is dat angst een totale staat van zijn is. Mensen die last hebben van angststoornissen, voelen zich de hele dag gespannen. Het is een gevoel van opperste staat van paraatheid, het gevoel alsof er elk moment iets ergs kan gebeuren.
De oorzaak hiervan is fysiek: je zenuwstelsel is overprikkeld. De ‘aan-knop’ blijft hangen. Bij de behandeling van angststoornissen is het daarom belangrijk om niet alleen aandacht te hebben voor de stoornis, maar voor het hele angstspectrum. Door daarop te focussen wordt de angst op alle verschillende lagen aangepakt wat zorgt voor een effectieve en efficiënte behandeling.
Wat zijn kenmerken van een angststoornis?
Angst is een emotie die alle mensen en dieren kennen. Het is een overlevingsmechanisme die je lichaam op scherp zet om te vechten of te vluchten. Maar angsten kunnen bij mensen ook voorkomen op het moment dat er geen reëel gevaar is. Daarnaast kan de angst ook langdurig aanblijven zonder dat daar een reden voor is. Wanneer dit het geval is spreken we van een angststoornis.
Wanneer spreek je van een angststoornis?
Volgens het officiële handboek dat gebruikt wordt voor de diagnose van psychische stoornissen (de DSM-5 TR) wordt gezonde angst een stoornis wanneer aan twee belangrijke voorwaarden is voldaan:
- Buitenproportioneel: De angst en de reactie staan niet in verhouding met het daadwerkelijke gevaar. Bijvoorbeeld: de gedachte aan het geven van een presentatie voelt net zo dreigend als een levensbedreigende situatie.
- Duur en lijdensdruk: De angst duurt 6 maanden of langer en het belemmert je dagelijks leven. De angst is daarbij dusdanig intens dat je bijvoorbeeld niet meer naar de supermarkt durft of je niet meer in drukke sociale omgevingen durft te begeven.
Symptomen van een angststoornis
Mensen hebben twee verschillende soorten zenuwstelsels. Het ene stelsel is actief wanneer je in actie bent (het sympathisch zenuwstelsel). Het andere is actief wanneer je in ruststand bent (parasympatisch zenuwstelsel). Het is de bedoeling dat er een balans is tussen de twee zenuwstelsels. Bij een angststoornis staat het sympathisch zenuwstelsel nagenoeg continu ‘aan’. Je lichaam is continu in een staat van paraatheid (fight-or-flight). Dit zorgt voor een breed scala aan fysieke, gevoelsmatige en mentale klachten.
Fysieke symptomen
- Hartkloppingen: Een bonzend hart of gevoel dat je hart overslaat
- Spierspanning: Gespannen gevoel in nek, schouders en rug
- Trillen: Trillende gevoel in handen of benen
- Ademhalingsproblemen: Kortademigheid, hyperventilatie of benauwd gevoel
- Maag- en darmklachten: Diarree, misselijkheid, buikpijn of
- Duizeligheid: Een duizelig gevoel of licht gevoel in je hoofd
- Zweten: Klamme handen, zwetende oksels of plots rillingen
Gevoelsmatige symptomen
- Vlinders in je buik
- Druk op het hoofd: Denk aan druk op de voorkant van het hoofd of strakke band om je hoofd
- Gevoel niet goed te worden: Gevoel dat je flauw gaat vallen of dat je over moet geven
- Gevoel van onwerkelijkheid: Het gevoel dat je ‘in een droom’ leeft (derealisatie) of losstaat van jezelf (depersonalisatie)
- Controleverlies: Gevoel dat je gek aan het worden bent
- Prikkelbaar: Een kort lontje of snel geïrriteerd raken door mensen of geluiden
Mentale symptomen
- Zorgen maken of piekeren: Constante ‘wat als…’ gedachten die je niet kunt stoppen of doemdenken
- Concentratieproblemen: Je gedachten dwalen af en het is moeilijk om een boek te lezen of een film te volgen
- Slaapproblemen: Moeite met inslapen (door het piekeren) of doorslapen
- Angst voor de angst: Continu bezig zijn met een aankomende situatie waar je verwacht dat je de angst gaat ervaren
Fysieke symptomen
- Hartkloppingen: Een bonzend hart of gevoel dat je hart overslaat
- Spierspanning: Gespannen gevoel in nek, schouders en rug
- Trillen: Trillende gevoel in handen of benen
- Ademhalingsproblemen: Kortademigheid, hyperventilatie of benauwd gevoel
- Maag- en darmklachten: Diarree, misselijkheid, buikpijn of
- Duizeligheid: Een duizelig gevoel of licht gevoel in je hoofd
- Zweten: Klamme handen, zwetende oksels of plots rillingen
Gevoelsmatige symptomen
- Vlinders in je buik
- Druk op het hoofd: Denk aan druk op de voorkant van het hoofd of strakke band om je hoofd
- Gevoel niet goed te worden: Gevoel dat je flauw gaat vallen of dat je over moet geven
- Gevoel van onwerkelijkheid: Het gevoel dat je ‘in een droom’ leeft (derealisatie) of losstaat van jezelf (depersonalisatie)
- Controleverlies: Gevoel dat je gek aan het worden bent
- Prikkelbaar: Een kort lontje of snel geïrriteerd raken door mensen of geluiden
Mentale symptomen
- Zorgen maken of piekeren: Constante ‘wat als…’ gedachten die je niet kunt stoppen of doemdenken
- Concentratieproblemen: Je gedachten dwalen af en het is moeilijk om een boek te lezen of een film te volgen
- Slaapproblemen: Moeite met inslapen (door het piekeren) of doorslapen
- Angst voor de angst: Continu bezig zijn met een aankomende situatie waar je verwacht dat je de angst gaat ervaren
Welke verschillende soorten angststoornissen zijn er?
In de DSM-5 TR worden in totaal 10 verschillende angststoornissen beschreven. Hieronder geven we je een overzicht van de meest voorkomen angststoornissen met daarbij de belangrijkste kenmerken.
Verlatingsangst (separatieangststoornis)
Veel mensen kennen het woord verlatingsangst. De officiële term hiervoor is separatiestoornis. Dit is de angst om gescheiden te worden van belangrijke mensen in je leven en waaraan je gehecht bent. Het idee is dat dit vaak bij kinderen voorkomt maar het komt ook vaak voor bij volwassenen. Je kan daarbij denken aan angst om verlaten te worden door je partner of je ouders.
De kenmerken die gepaard gaan met verlatingsangst zijn onder te verdelen in 2 kenmerken:
- De angst om verlaten te worden: De belangrijke persoon verbreekt actief de relatie
- Constante zorgen dat de ander iets overkomt: Denk aan een ongeluk of ziekte wanneer je niet bij de ander bent
Wanneer je nadenkt over dat iemand je verlaat of een ongeluk krijgt dan gaat dit gepaard met fysieke gevoelens van paniek. Dit kan zorgen voor vermijdingsgedrag waarbij je altijd bij deze persoon in de buurt wil zijn en daardoor niet meer naar school of werk gaat of in de avond de deur uit gaat.
Specifieke fobie
Bij een specifieke fobie ervaar je een extreme angst voor een specifieke situatie of een object. Je kan daarbij denken aan
- Angst voor dieren zoals spinnen of muizen
- Situaties zoals vliegen of hoogtes
- Medische procedures zoals naalden of de tandarts
Niet alleen de situatie of het object zelf geeft een hevige angstreactie, ook eraan denken kan al een volledige paniekaanval opleveren. Deze intense gevoelens leiden vaak tot vermijdingsgedrag. Door deze intense gevoelens vermijden mensen de tandarts of gaan met de auto op vakantie in plaats van het vliegtuig. Deze intense gevoelens leiden vaak tot sterk vermijdingsgedrag, waardoor mensen bijvoorbeeld niet meer naar de tandarts gaan of met de auto op vakantie gaan om maar niet te hoeven vliegen.
Sociale angststoornis
Zoals het woord al aangeeft is een sociale angststoornis een vorm van angst die voorkomt in sociale situaties. Het is de angst om negatief beoordeeld te worden door anderen. Wanneer je een sociale angststoornis hebt dan ben je bang om:
- Jezelf te vernederen
- Jezelf belachelijk te maken
- Afgekeurd te worden
- Angst gerelateerde symptomen te laten zien (trillen, zweten, stotteren, enz.)
De angst voor de negatieve beoordeling is zo sterk dat je sociale situaties zoveel mogelijk probeert te vermijden. Daarbij kan je denken aan het vermijden van feestjes, mensen bellen of spreken in het openbaar. Is het niet mogelijk om de situatie te vermijden, dan word je geconfronteerd met intense gevoelens van angst en stress.
Paniekaanval
Een paniekstoornis is een angststoornis die gekenmerkt wordt door twee belangrijke componenten:
- Terugkerende paniekaanvallen: Het belangrijkste kenmerk van een paniekstoornis zijn de paniekaanvallen. Dit is een intens gevoel van angst dat ineens uit het niets opkomt. De aanvallen worden niet getriggerd door een specifieke situatie of object.
- Angst voor de angst: Een paniekaanval is dusdanig intens dat er een angst ontstaat voor de volgende paniekaanval. Dit wordt ook wel ‘angst voor de angst’ genoemd
Bij een paniekaanval krijg je het idee dat je de controle kwijtraakt over jezelf, je gevoelens en gedachten. Wanneer dit vaker gebeurt krijg je het idee dat je de controle over jezelf gaat verliezen, je een hartaanval krijgt of gek te worden.
Dit zorgt ervoor dat mensen die een paniekstoornis hebben vermijdingsgedrag vertonen. Dit kan uiteindelijk leiden tot agorafobie omdat iemand het gevoel heeft nergens veiliger te zijn dan thuis wanneer ze weer een paniekaanval krijgen.
Agorafobie (pleinvrees)
Bij agorafobie (of pleinvrees) is er een angst voor situaties waarvan je het idee hebt dat je moeilijk kan ontsnappen of er geen hulp beschikbaar is wanneer je ineens onwel wordt of angstgevoelens krijgt. Ook dingen waarvoor je je kan schamen kunnen leiden tot angsten zoals vallen bij ouderen, aan de diarree zijn en het niet op kunnen houden.
Er zijn bepaalde situaties waar mensen met agorafobie vaak angstig voor zijn en die ze graag vermijden:
- Gebruikmaken van openbaar vervoer (treinen, bussen, vliegtuigen).
- In open ruimtes zijn (parkeerplaatsen, bruggen, grote markten).
- In afgesloten ruimtes zijn (winkels, theaters, bioscopen).
- In een rij staan of in een menigte zijn.
- Alleen buitenshuis zijn.
Vaak leidt agorafobie tot vermijding van bepaalde situaties. In onze praktijk zien we vaak dat het scala aan situaties die vermeden worden in de loop van de tijd steeds meer toeneemt. In het ergste geval kan het ertoe leiden dat iemand het huis niet meer uitkomt.
Gegeneraliseerde angststoornis
Een gegeneraliseerde angststoornis (GAS) is een vreemde eend in de bijt ten opzichte van de andere angststoornissen. Bij GAS is er namelijk niet een specifieke trigger die de angst veroorzaakt. Het is een constant gevoel van onrust dat gepaard gaat met zorgen maken. Deze zorgen gaan over alledaagse dingen zoals:
- Gezondheid (van jezelf of de mensen die dicht bij je staan)
- Financiën
- Werk of schoolprestaties
- Huishoudelijke taken of ‘lijstjes’
Deze constante gevoelens en constante gedachten leiden tot chronische psychische en fysieke klachten:
- Rusteloosheid, opgejaagd gevoel, ‘on-edge’ zijn
- Snel vermoeid
- Concentratieproblemen of ‘black-outs’
- Prikkelbaar, kort lontje
- Spierspanning (vaak in rug, schouders of nek)
- Slaapproblemen (moeite met inslapen of doorslapen vanwege het zorgen maken of piekeren)
De onrust en het zorgen maken kan toenemen in intensiteit waardoor er gevoelens van angst ervaren kan worden wat gepaard gaat met piekeren. Deze gevoelens en gedachten zijn zeer intens en zijn moeilijk te stoppen. Het verschil tussen normaal zorgen maken of piekeren en de bijbehorende onrust en angst is dat deze bij GAS chronisch is. Wanneer een situatie opgelost is komt er een volgende die zorgt voor deze intense gevoelens en gedachten.
Welke therapieën zijn er voor angststoornissen?
Er zijn twee verschillende vormen van therapie die ingezet worden bij de behandeling van angststoornissen. De ene vorm van therapie is gericht op het werken met de symptomen van de angst en wordt klachtgerichte therapie genoemd. De andere vorm die ingezet wordt richt zich op de oorzaak van de angststoornis en wordt oorzaakgerichte therapie genoemd.
De klachtgerichte therapie wordt binnen de Nederlands ggz veelal aangeboden binnen de basis ggz. Trajecten binnen de basis ggz zijn vaak kortlopend (tussen de 8 en 12 weken). Wanneer je in therapie gaat voor een angststoornis wordt er gestart met een basis ggz traject. Wanneer dit niet het gewenste effect heeft kan er een aanvraag gedaan worden voor specialistische ggz. Dit zijn langdurige trajecten waarin vaak oorzaakgerichte therapie aangeboden wordt.
Voorbeelden van klachtgerichte therapieën zijn:
- Cognitieve Gedragstherapie (CGT)
- Acceptance and Commitment Therapie (ACT)
Voorbeelden van oorzaakgerichte therapieën:
- Schematherapie
- Psychodynamische therapie
- EMDR
Wat is de oorzaak van angststoornissen?
Er is binnen de psychologie vaak discussie over of angststoornissen aanleg zijn of aangeleerd. En aanleg kan zeker een rol spelen. Aan de andere kant zien wij in onze praktijk dat mensen ook volledig kunnen herstellen van angststoornissen. Daarom kijken we vooral naar wat aangeleerd gedrag is (en wat we wel kunnen veranderen) dan dat we kijken naar wat aanleg is of genen (wat we niet kunnen veranderen). Er zijn drie belangrijke oorzaken die vaak terugkomen:
1. Angst als emotie binnen het gezin
Angst komt vaak voor binnen families. Het is iets wat vaak van generatie op generatie overgegeven wordt. Vaak wordt dit op een onbewuste manier doorgegeven door de manier waarop bijvoorbeeld ouders in het leven staan. Wanneer we de thuissituatie van cliënten tegen ons ‘angstspectrum’ aanleggen, geven ze vaak aan dat er vroeger thuis veel spanning, onrust of bezorgdheid was.
Kinderen nemen vaak de angsten en overtuigingen van hun ouders over. Ze leren van hun rolmodel (model-leren). Dit kan op twee manieren plaatsvinden:
- Directe waarschuwing aan het kind:
- “Kijk je wel uit?”
- “Heb je wel gedacht aan…?”
- “Heb je wel gekeken naar de risico’s die het met zich meebrengt?”
- “Zorg je wel dat je de deuren goed op slot doet?”
- Door voorbeeldgedrag van de ouders zelf:
- “Oh help, ik moet morgen naar de tandarts, ik hoop maar dat ze niet gaan boren!”
- “Ik ga echt die donkere garage niet in hoor!”
- “Ik hoop maar dat het gezellig wordt morgen, anders is de sfeer verpest!”
Als kind leer je hierdoor onbewust dat de wereld een gevaarlijke plek is en je continu op je hoede moet zijn.
2. Onveiligheid en instabiliteit
Een angststoornis kan zich ook ontwikkelen als je opgegroeid bent in een onveilige omgeving. Zo kan er bijvoorbeeld veel ruzie geweest zijn thuis, kan een van je ouders verslaafd zijn geweest of was er geweld binnenshuis. De mensen in onze praktijk die dit meegemaakt hebben, zien de wereld als een onveilige plek waarbij ze niemand hebben om op terug te vallen. De oorzaak hiervan is dat ze vanaf jongs af aan al het gevoel hadden er alleen voor te staan. Omdat de ouders geen veilige omgeving boden, moest het kind zichzelf veilig houden en continu alert zijn (‘aan’ staan). En die alertheid kan zich ontwikkelen tot een angststoornis.
3. Trauma en schokkende ervaringen
Een andere oorzaak voor de ontwikkeling van een angststoornis is een specifieke gebeurtenis die een hele grote impact heeft gehad. Je kan daarbij denken aan:
- Een groot trauma zoals misbruik of geweld
- Ogenschijnlijk kleine gebeurtenissen zoals flauwvallen of incontinentie
De impact van deze gebeurtenis is zo groot, dat er een enorme angst ontstaat dat het nogmaals gebeurt. Om deze reden ga je situaties vermijden en zo ontstaat de vicieuze cirkel van angst.